Agrarische Natuur Vereniging De Ommer Marke

voor behoud en ontwikkeling van een vitaal platteland in Ommen e.o.

Fase 3: 2018-2019

30 Oktober 2018 komt het bericht dat de afstand waarbinnen de  ‘kleine kringloop-regeling’ geldt, verruimt gaat worden van 1 naar 5 kilometer.
De ‘Wijziging Vrijstellingsregeling plantenresten‘ wordt gepubliceerd en zal ingaan per 1 januari 2019. Na het eerste enthousiasme blijkt dat bij het lezen van de toelichting het evengoed moeilijk blijft, zelf moeilijker wordt om  bermmaaisel als bodemverbeteraar te gebruiken.

Intussen wordt het Projectplan  en de Onderzoek opzet voor fase 3 goedgekeurd door de partners. Door vertraging gaat fase 3 van 1  jan. 2019 tot 1 december 2019 lopen.
In verband met de privacywet worden in alle teksten de locaties aangegeven met cijfers in plaats van bedrijfsnamen.

Zoals te lezen is in het projectplan willen we graag een praktijkproef inrichten die de logistiek en de juridische kanten van het brengen van bermmaaisel (en maaisel uit sloten bergingen, dijken etc.) test. Het blijkt in de praktijk niet altijd mee te vallen om alles passend te regelen. Ook willen we meer inzicht in het kostenplaatje.

Omdat de huidige regelgeving dit niet zonder ontheffing mogelijk is, moet OMAB uitbreiding van de verkregen ontheffing voor leveren van maaisel ten behoeve van de pilot OMAB, aanvragen.

Eind november wordt de aanvraag voor uitbreiding van 800 m3 gedaan bij de Omgevings Dienst IJsselland. Hiermee kan er in twee proefgebieden met ieder 5 agrariërs onderzocht worden, of er voldoende maaisel is, hoe de kwaliteit gegarandeerd kan worden, hoe afspraken gemaakt en nagekomen kunnen worden en tenslotte : wat het allemaal kost.
Door interne verschuivingen bij ODIJsselland duurt het even voordat hier op gereageerd wordt.
Na een goed gesprek met de nieuwe contactpersoon (Wim Kloosterman) zit er maart 2019 beweging in.

Eind november schrijft OMAB zich in voor de Circular Awards. Deze prijsvraag voor innovatieve projecten die werken aan duurzame ontwikkelingen heeft als een van de thema’s ‘Biomassa en Voedsel’. De criteria zijn: circulariteit, schaalbaarheid, samenwerking en businessmodel. Helaas komt OMAB niet in aanmerking voor een nominatie omdat het om onderzoek gaat en niet om een kant en klaar werkbare structuur/product.

Voor de financiering van fase 3 is de provincie Overijssel gevraagd om, net als voor fase 1 en 2 een bijdrage te leveren. Hiervoor worden de mogelijkheden via de regelingen van ZON (Zoetwatervoorziening Oost Nederland) benut. Door deze constructie duurt het even voordat de aanvraag eind 2018 gedaan wordt. Gelukkig komt de toezegging vrij snel daarna.

Februari 2019  is er een overleg met de leveranciers over wat er gedaan kan worden om de regelgeving aangepast te krijgen. Zoals die er nu ligt is het niet werkbaar. Er zijn onduidelijkheden in de regelgeving zelf (regeling uit 2005 en de wijziging daarop van 2018 spreken elkaar soms tegen, bokashi wordt niet genoemd) en de regels zijn in de praktijk niet uitvoerbaar (verspreiden en onderwerken) of passen niet bij goed landbouwgebruik (gebruik rauw materiaal). In samenwerking met de partners is er een notitie opgesteld.

27 Maart 2019 wordt de demodag ‘Ken uw Bodem’ georganiseerd. Deze vindt plaats van
, 13.15-16.00 bij Mts. de Vos , Vilstersestraat 28, Lemelerveld
De middag is gericht op het aanbieden van handvaten voor een optimaler bodembeheer.

Woensdagmiddag 27 maart werd de demomiddag ‘Ken uw Bodem’ georganiseerd op het melkveebedrijf van Mts. de Vos in Lemelerveld (Zie  uitnodiging ).
De bezoekers kregen een aantrekkelijk programma voorgeschoteld met eerst drie inleidingen van:

  • Nick van Eekeren (Louis Bolk Instituut) – met de presentatie : Landgebruik als basis van bodemkwaliteit.
  • Martijn Vijfeijken (Groeibalans) – met de presentatie : andere benadering van de bodem – andere analysemogelijkheden
  • Petra van Vliet (Eurofins-agro) – met de presentatie : Organische Stof Balans en de Bijmestmonitor.

De inleidingen gaven al genoeg stof voor vragen en discussie die voortgezet werd bij de stands en activiteiten:

  • bodemcheck     – Nick van Eekeren –
  • Dichtheidsmetingen – Roeland Farjon –
  • Bodemverbeteraars
  • Analyses Groeibalans – Martijn Vijfeijken-
  • organisch materiaal schatten, roofaaltjes bekijken, regenwormen, analysemogelijkheden  - Petra van Vliet (Eurofins –agro)
  • Berm zoekt Boer: bladverwerking, maaizuigcombinatie contracten – gemeente Hardenberg
  • Waterschappen
  • OMAB

Voor een impressie van de bijeenkomst klikt u hier

Maart-April 2019 wordt er gewerkt aan het opstellen van een notitie waarin de situatie, de knelpunten en een gewenst toekomstbeeld worden beschreven voor het gebruik van bermmaaisel als bodemverbeteraar.

Mei 2019 wordt in overleg  met ‘Circulair Terreinbeheer’ (de koepel van organisaties en overheden die zich bezig houden met het gebruik van bermmaaisel) de notitie definitief gemaakt. De provincie Gelderland is hierbij betrokken. De notitie wordt vanaf dan een ‘oproep’.

Deze wordt, na ambtelijk overleg met de provincie Overijssel, met een begeleidend schrijven naar Hester Maij, (interim) gedeputeerde van Overijssel, gestuurd.
De bij OMAB betrokken waterschappen  (Vechtstromen en Drents Overijsselse Delta) en gemeenten (Dalfsen, Ommen en Hardenberg), hebben intussen ook bestuurlijke instemming en steun aan de oproep gegeven. Daarom wordt er op 24 mei een brief met daarbij gevoegd de oproep naar de leden van de Provinciale Staten van Overijssel gestuurd.

Omdat de brief met oproep naar al onze contacten is gestuurd krijgen wij vanuit Gelderland (Omgevingsdienst) een link naar de site van de Rijksoverheid waarop uitleg en voorbeelden gegeven worden waaruit blijkt dat het vanuit de rijksoverheid toch zeker wel de bedoeling is dat bermmaaisel – volgens ‘goed landgebruik’ binnen de 5 km gebruikt kan worden in de land- en bosbouw.  ( Uitleg en voorbeelden vrijstelling van art.10.1a- site Rijksoverheid ). Dit is een ondersteuning van onze wens om zorgvuldig en duurzaam gebruik van bermmaaisel om de bodem te verbeteren mogelijk te maken.

Op 29 mei is daarop ingesproken bij de statentafel,  waarbij de verkregen informatie in de inspraak verwerkt is. De tekst vindt u hier.
Het gaat niet langer om het aanpassen van de regelgeving, maar meer om de uitleg van de regelgeving die er nu ligt. Het streven is nu om samen met de Omgevings Diensten en wellicht ook de NVWA om tafel te gaan zitten om duidelijkheid te scheppen in wat er wel en niet toegestaan is.
PS heeft positief gereageerd op de informatie en gaat stappen ondernemen.

27 juni wordt er door D66 en CDA  de  motie ‘Bermmaaisel benutten als bodemverbeteraar’ ingediend, waarin GS wordt opgeroepen te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn en zich in te zetten voor aanpassing van de regelgeving. Deze motie wordt unaniem aangenomen.

Na de zomer wordt meteen ingezet op een gesprek met de belangrijkste partijen zoals vertegenwoordigers vanuit de provincie (vergunningverlening, circulaire economie, juridische zaken) , de Omgevingsdienst IJsselland, Omgevingsdienst regio Nijmegen, Circulair terreinbeheer en  LNV . Vanuit de pilot OMAB wordt voorgesteld om met een voorbeeld werkwijze te komen. Een werkwijze waarvan de partners overtuigd zijn dat die leidt tot  een verantwoord gebruik van maaisel in de landbouw. De partners van OMAB komen onder andere in twee bijeenkomsten tot een werkwijze die bovendien in de praktijk haalbaar en werkbaar is.
Op 4 november wordt dit voorstel besproken waarbij de vraag gesteld wordt: ‘Mag dit?’.

OMAB wil deze werkwijze graag testen in een groter gebied en stelt hiervoor de gemeente Dalfsen voor. De gemeente Dalfsen is al jaren bezig met onderzoek naar de mogelijkheden om maaisel verantwoord in te zetten voor bodemverbetering en wil daar graag verder mee.

Eind november komt hiervan het verslag opgesteld door de provincie.
Helaas blijkt het moeilijk om voor het eind van het jaar de actiepunten uit te voeren. Dit wordt doorgeschoven naar begin 2020. Het gesprek heeft wal wel geleid tot een beter contact.

Voor fase 4 van de pilot OMAB wordt het projectplan bijgewerkt.  Fase 4 wordt opgesplitst in een deel OMAB-A waarin het onderzoek zoals in fase 1 tot en met 3 is gebeurd, wordt voorgezet. Daarnaast valt onder OMAB-A de voorbereiding van OMAB-B; het gedeelte met de praktijkproef.
In de praktijkproef OMAB-B wordt de (eventueel door verdergaand overleg aangepaste) voorgestelde werkwijze, getest in de praktijk. Hieruit moet blijken hoe de voorstellen in de praktijk uitpakken. Wat kan weggelaten worden en wat moet toegevoegd.
Doel is om zo te komen tot een werkwijze die liefst past binnen de regelgeving en zich in de praktijk heeft bewezen. Daarnaast zal duidelijk worden op welke punten de regelgeving aanpassing behoeft.

Eind november is het projectplan OMAB-A, fase 4 besproken en goedgekeurd. Vervolgens is ook de financiering voor OMAB-A in fase 4 rond gekomen.

 

 

Comments are closed.